Lesplan

Iedere zwemvereniging of zwemschool geeft op zijn of haar eigen manier les. Hierin zijn vele nuanceverschillen mogelijk. Deze verschillen worden veroorzaakt door verschillen in doelgroepen, de (on)mogelijkheden van het beschikbare zwembad, het al dan niet hebben van een winstoogmerk en nog vele andere factoren.
Een lesplan is een intern document waarin de visie en keuzes van methoden worden beschreven. Op deze pagina hebben wij in een samenvatting de hoofdpunten uit ons lesplan ter inzage ter beschikking gesteld.

Visie op zwemonderwijs

Een zwemvereniging is geen zwemschool, maar een organisatie waarbij een ieder die zwemmen leuk vindt en op een plezierige en ontspannen manier met zwemmen bezig wil zijn, een plek moet kunnen vinden. Wij hopen dan ook dat iedereen met deze gedachte aan het bad te vinden is.


Zwemmen is leuk!
 
Plezier staat tijdens onze zwemlessen en andere activiteiten voorop. Zowel plezier voor kinderen die van hun ouders soms min of meer “verplicht” op zwemles moeten, kinderen die actief met de zwemsport bezig zijn als ook voor het kloppend hart van onze vereniging; onze vrijwilligers. Het hebben van plezier schept een ontspannen leerklimaat waarin sneller vorderingen worden behaald en kinderen vertrouwd raken met het water.
Om een plezierige zwemles te verkrijgen, verwachten wij van onze instructeurs dat ze op een enthousiaste en positief-stimulerende manier bezig zijn met de kinderen. Het integreren van spel- en speelse vormen maakt daarbij een integraal onderdeel uit van de lessen, met name in het voortraject.
 
Zwemvereniging de Helmondse Watervrienden is aangesloten bij de Nederlandse Culturele Sportbond (NCS). De NCS onderscheidt zich van andere sportbonden door de NCS humanistische traditie die de sportkoepel nastreeft. De humanistische traditie komt tot uiting door het bijdragen aan een sociaal bindende samenleving waarin mensen kunnen sporten in een menswaardige, sociaal vormende en ontspannende cultuur: sport voor iedereen.

 
Sport voor iedereen!
 
Iedereen is bij ons welkom, ongeacht geslacht, geloof, cultuur, geaardheid en leeftijd. Iedereen krijgt de kans zich te ontwikkelen en zijn steentje bij te dragen binnen onze dynamische vereniging.

 
Stimuleren, maar niet forceren
 
Tijdens onze zwemlessen proberen wij de kinderen zo veel mogelijk op een positieve manier te stimuleren. Naast het geven van correcties en aanwijzingen is met name ook het geven van complimentjes in onze ogen een van de beste manieren om kinderen te stimuleren.
 
Wij waken er voor dat stimuleren niet door slaat in forceren. Sommige kinderen hebben nou eenmaal wat meer tijd nodig dan anderen. Onze visie is dat wij kinderen die tijd moeten gunnen. Ons doel is namelijk niet om kinderen in een zo kort mogelijke periode het zwemdiploma te laten behalen, maar het op een plezierige en duurzame wijze bijbrengen van de zwemvaardigheid zodat de kinderen na het behalen van de diploma’s kunnen genieten van “een leven lang zwemplezier!”.

Kwaliteitswaarborging

Tijdens het aanleren van de zwemslagen zal continu worden gekeken of het kind over het gewenste niveau beschikt om door te stromen naar het volgende badje. Deze beoordeling vindt zowel door de instructeurs als de uurleider plaats. Beide kunnen elkaar erop attenderen dat het kind naar het volgende groepje kan.
 

Keuze van methode

Wij zijn van mening dat het leren zwemmen start bij de watergewenning. Zonder een goede gewenning aan het water bij de start van de lessen, zal het kind meer angst hebben in het water wat het aanleren van de slagen en de zelfredzaamheid bemoeilijkt of zelfs onmogelijk maakt. Bij de watergewenning, maar ook daarna, is het gebruik van spel- en speelse vormen daarom volgens ons dan ook essentieel. Enerzijds omdat spel- en speelse vormen gewoon leuk zijn voor de kinderen, waardoor ze plezier hebben en de angst vermindert. Anderzijds omdat spel- en speelse vormen die aansluiten op een eindterm, het leerproces versnellen. Kinderen zijn immers bezig met leren zonder dit in de gaten te hebben.
Bij de watergewenning en het aanleren van de slagen, maken wij volop gebruik van de kant, de zwembadbodem en het eigen drijfvermogen van het kind. Hierdoor leren de kinderen direct vanaf het begin om zich “op eigen kracht” in het water te begeven, zonder het gebruik van hulpmiddelen die het blijven drijven bevorderen. De drijfhouding is immers de uitgangspositie van elke slag en dient goed beheerst te worden, zonder dat het kind hierbij geholpen wordt door drijfmiddelen.
 
De hierboven beschreven methode sluit aan bij de in de jaren 20 van de vorige eeuw ontwikkelde methode van Wiessner en deze vormt daarmee de basis van onze lessen. Wel zijn er enkele aanpassingen gedaan waardoor er vandaag de dag meer aandacht is voor de mogelijkheden en onmogelijkheden van de individuele leerlingen door het differentiëren tijdens de lessen en wordt er, in tegenstelling tot hetgeen Wiessner deed, eerder gestart met het boven water houden van het gezicht bij de schoolslag.
 

Doelstellingen

Onze doelstelling is om onze leden op een plezierige manier te leren zwemmen. Daarvoor is het vertrouwd raken met het water voordat daadwerkelijk met het aanleren van de zwemslagen wordt begonnen essentieel. Hierbij maken wij gebruik van de reeds aanwezige elementen in een zwemzaal zoals de kant en zwembadbodem, het eigen drijfvermogen en elkaar. In principe worden er geen drijfmiddelen zoals kurkjes gebruikt bij het leren zwemmen.
 
Wanneer leden eenmaal de slagen machtig zijn en gaan oefenen voor het zwem-ABC hanteren wij de BREZ 2.0 eisen als minimale eisen per diploma. Ons streven is om een hogere standaard aan te houden dan hetgeen minimaal vereist in de BREZ. Dit onderscheidt ons als zwemvereniging.
 

Watergewenning en aanleren van de zwemslagen

De watergewenning en het aanleren van de slagen vindt binnen onze vereniging plaats middels 4 (of 5) niveau-groepen. Tijdens deze elementaire zwemlessen in knie- tot heupdiep water staat de instructeur in het water tijdens het geven van de les. Zo is optimale begeleiding en overzicht over de groep mogelijk.
Tijdens elementaire zwemles wordt in het begin veel aandacht besteed aan het watervrij maken van de kinderen. Dit is een hele belangrijke periode. Hierin wordt de basis gelegd voor het leren zwemmen. Kinderen leren de eigenschappen van het water kennen, ontdekken het eigen drijfvermogen en leren de eerste elementen om uiteindelijk zelfredzaam te zijn in het water. Kinderen leren drijven op de borst en rug, te water gaan en er uit klimmen, draaien van borst naar rug naar borst, onder water gaan, onder water kijken en zoeken. Deze zaken zorgen ervoor dat kinderen het water leren kennen en zich er prettig in gaan voelen.
Veel oefeningen worden in spelvorm aangeboden, omdat dat voor jonge kinderen de beste manier is om iets te leren. Ieder spel heeft een bedoeling. Na deze periode van watervrij maken gaat het kind door naar het volgende badje waarbij ze de zwemslagen aanleren. Wanneer het gewenste niveau bereikt is, zal het kind een diploma ontvangen en instromen bij het volgende niveau-groepje. Het doorstromen is dus individueel en kan tijdens elke les plaatsvinden. Wanneer de instructeur vindt dat het kind klaar is voor het volgende groepje zal in overleg met de uurleider (die een tweede blik werpt op het niveau van het kind) het diploma worden uitgereikt. Ook kijkt de uurleider regelmatig naar het niveau van de kinderen in de groepjes.
 

Zwem-ABC

Het Zwem-ABC is opgebouwd rond de 8 basiselementen zoals genoemd in de BREZ, namelijk: te water gaan, onder water, draaien, drijven, watertrappen, voortbewegen, ademhalen en survival. Bij iedere diploma worden de eindtermen per basiselement verzwaard en wordt er meer geëist van het kind. Om kinderen in het zwem-ABC op examen te laten gaan, worden minimaal de eisen gesteld zoals genoemd in de BREZ. Ons streven is om ruimschoots boven dit niveau te zitten.
Licentie Zwem-ABC:
Terug naar boven